In het middelbaar beroepsonderwijs

Activerende werkvormen

gepubliceerd op 2 juni 2021

Studenten goed activeren is van essentieel belang om hun aandacht bij de les te houden en ze actief mee te laten doen. Werkvormen waarbij van studenten een actieve rol wordt gevraagd zijn daarom belangrijk bij allerlei onderdelen van de les. Bij blended- of afstandsonderwijs geldt dit alleen maar meer vanwege de kortere aandachtsboog en potentieel extra online en offline afleidingen.

Hieronder vind je de top vijf meest gebruikte fysieke werkvormen volgens Vernieuwenderwijs.nl, die je online ook kunt inzetten: Denken-delen-uitwisselen, Check in duo’s, Expertgroepen, het 3 stappen interview en genummerde hoofden. Deze vijf activerende werkvormen kun je bijvoorbeeld via Microsoft Teams ook online inzetten. Hiernaast vind je meer interessante bronnen met diverse activerende werkvormen. 

1. Denken-delen-uitwisselen

Stel je een complexe vraag aan je studenten? Dan kan deze werkvorm daarbij helpen: je stelt de vraag, de studenten denken hierover na, bespreken dit in kleine groepjes en vervolgens vraag je aan een willekeurige student het antwoord. Zo denkt de hele groep na over de vraag en bespreek je de antwoorden gezamenlijk.

Online vergt dit een net andere voorbereiding. Bedenk bijvoorbeeld al vooraf de samenstelling van de kleine groepjes en maak alvast eenzelfde hoeveelheid break-out rooms.

2. Check-in-duo’s

Heb je juist een eenvoudige vraag met bijvoorbeeld maar een mogelijke oplossing, dan kun je gemakkelijk af met deze werkvorm. Hiermee controleer je snel samen met de groep de opdrachten en ontdek je waar studenten eventueel nog moeite mee hebben. Studenten beantwoorden de vraag eerst individueel, dan vergelijken ze die in tweetallen en kiezen de juiste oplossing. Laat ze eventueel nog eens uitwisselen en check vervolgens met de groep.  

Online is het belangrijk dat je alvast break-outrooms klaar maakt voor de tweetallen. Laat leerlingen na het overleg in duo’s bijvoorbeeld in de chat zetten bij welke vragen er verschillende antwoorden waren. Dan bespreek je samen met de groep die vragen weer zodat je eventuele onduidelijkheid opvangt.

3. Genummerde hoofden

Heb je meerdere opdrachten die veel tijd kosten, maar wil je ze snel verwerken? Dan is deze werkvorm een goede optie. Bijvoorbeeld opdrachten waarbij studenten veel tekst moeten lezen, zoals het samenvatten van een hoofdstuk. De werkvorm is simpel: een groepje van vier studenten krijgt een grote opdracht en elk groepslid een nummer (1 tot en met 4). De opdracht moet binnen een bepaalde tijd af en vereist samenwerking. Achteraf kies je een willekeurig nummer per groepje die uitleg moet kunnen geven van de opdracht.   

Online maak je hiervoor break-out rooms klaar en spreek je een duidelijke tijd af om de opdracht te volbrengen. Bijvoorbeeld tussen de tien en dertig minuten. Vergeet niet duidelijk te maken hoe de taken verdeeld worden: ieder groepslid moet het hele antwoord kunnen geven. Als docent kun je eventueel ‘digitaal rondwandelen’ om te kijken hoe het de studenten vergaat. Als de aangegeven tijd voorbij is, komen de studenten gezamenlijk terug voor bespreking en kiest de docent een willekeurig nummer per groepje uit, om het antwoord te bespreken. 

4. Experts

Deze werkvorm is vooral geschikt voor het herhalen van ingewikkelde of uitgebreide stof, bijvoorbeeld een heel hoofdstuk van de leerstof. Verdeel hierbij de materie in maximaal vijf gelijke delen en verdeel je studenten in groepjes. Elke student bestudeert een deel van de stof en presenteert dit aan de andere leden. Daarmee kent iedere student uiteindelijk alle stof. 

Online maak je hiervoor break-out rooms aan en geef je studenten voldoende tijd om eerst individueel expert te worden. Dit kun je bijvoorbeeld ook doen door studenten na een bepaalde tijd in expertgroepen te zetten, waarbij je alle nummer 1’s bij elkaar zet. Daarna wissel je de groepen van de experts naar de originele indeling en zit er van elke expert eentje in een groep. Hier presenteren ze het geleerde aan elkaar, waarna je de groep weer bij elkaar roept en je aan willekeurige studenten vragen stelt over de geleerde stof. Deze werkvorm kun je ook asynchroom uitvoeren, bijvoorbeeld als huiswerk en daarna de stof uitwisselen. 

5. Het drie-stappen-interview

Is je doel juist meer gericht op reflectie, visie of meningen van studenten? Dan past het drie-stappen-interview daar goed bij. Studenten interviewen elkaar en vatten dit achteraf samen. Zo stimuleer je dat ze goed luisteren en ook leren om goede vragen te stellen. 

Online deel je de klas in vier groepjes en maak je het dubbele aantal breakout-rooms aan. Leg eerst de opdracht uit en wat je verwacht van de verwerking. Geef iedere student in een groepje een nummer. Daarna interviewen de leerlingen elkaar in de breakout-rooms: nummer 1 interviet nummer 2 en nummer 3 interviewt nummer 4. Daarna wisselen de rollen. Daarna komen ze alle vier samen en bespreken ze wat ze gehoord hebben. Aan het einde komen alle groepen gezamenlijk terug en licht je er nog een paar voorbeelden uit. Vinden je studenten samenvatten nog best lastig, doe dit dan als voorbeeld eerst klassikaal of maak bijvoorbeeld de groepjes groter. 

Bron: Vernieuwenderwijs.nl

Terug